maandag 23 februari 2009

Likken

Het verlengde van 5th avenue langs de oostkant van Central Park heet de Museum Mile. De Museum Mile herbergt niet alleen de Frick collectie, maar ook het Louvre van New York, het Metropolitan Museum of Art. Toch zijn het niet alleen de oude meesters die de scepter zwaaien aan de kant van Central Park waar de zon op gaat. Een paar blokken naar het noorden ligt het befaamde Guggenheim: de witgekalkte, omgekeerde hoepelrok. Toen ik na mijn bezoek gister weer mijn kamer binnenstapte, kon ik de witte wanden veel meer waarderen dan voorheen.
In het Guggenheim heb ik voor het eerst bewust en actief deelgenomen aan de creatie van beeldende kunst. In het kader van de transcedente toestand van de eeuwige tegenwoordige tijd , was er in een zaal een projector opgesteld die niets projecteerde. Want niets is volgens de Oosterse cultuur de basis van ons bestaan. Omdat ik mij ook in een transcedente toestand bevond, heb ik mijzelf tussen de projector en de wand geplaatst waardoor mijn silhouet in het niets opeens de essentie van de menselijke aanwezigheid creëerde. Met deze handeling heb ik de kern van de moderne kunst blootgelegd: de interactie tussen toeschouwer en kunstwerk.
Toch ben ik in de interactie niet zo ver gegaan als sommige anderen. Toen ik aan een suppoost vroeg waarom de Kandinsky zaal niet open was, vertelde hij dat er een koffiebar ingebouwd werd. Zo hoefden mensen, zoals ik net had gedaan , niet helemaal naar beneden te gaan om een kopje koffie te drinken. En dan konden ze dat ook nog eens doen terwijl ze de schilderijen van Kadinsky probeerden te doorgronden. De verbouwing duurde wat langer dan gepland omdat er om elk schilderij een glazen bescherming gebouwd moest worden om de schilderijen tegen de kopjes Illy espresso te beschermen. Volgens de suppoost liepen er namelijk nogal wat vreemde snuiters in het Guggenheim rond. Er waren eens drie Europeanen geweest, zo vertelde hij, die de gastronomische aantrekkingskracht van 'Montagnes a Saint-Remy' van Van Gogh (boven) niet hadden kunnen weerstaan en het schilderij waren gaan likken. Vreemd, vond hij, want aan de overkant van de zaal hing toch die prachtige Manet (onder). Ik heb nog eens goed gekeken en ze heeft inderdaad een erg aantrekkelijke blanke nek.






zaterdag 21 februari 2009

Zaterdag 21 februari


LAYG PROB NF PLA $2.99
CHERRY TOMATOES $3.99
MULTI GRAIN BRD $4.49
4 @ 2/$1.99
ORANGE NAVAL LGE $3.98
POSTGRP NUT TRL $5.79

TOTAL $21.24

De bron van zowel de foto als het overgetikte bonnetje is de Morton Williams Supermarket 225 W 57th Street. Pal tegenover de Russian tearoom die direct naast Carnegie hall ligt. Een hele dollar voor een navelsinaasappel is geen schijntje, maar als je die sinaasappel koopt met uitzicht op bontjassen die na een mooie Mahler in hun limousine stappen, zal hij dat wel waard zijn. Jammer genoeg betaal ik voor de sinaasappelen in de supermarkt tegenover de Columbia campus ook diezelfde dollar. Gelukkig stapelen de New Yorkers hun sinaasappelen wel leuk op.
Dan volgt nu mijn eerste New York toptip: de Frick collectie. Een private collectie schilderijen met onder andere Van Dyck, Rembrandt, Whistler, Degas, Titian en Turner. Het museum is een soort Mauritshuis: niet te groot en van een enorm hoge kwaliteit. Niet onbelangrijk is het te vermelden dat de museumshop veel en steengoede reproducties als ansichtkaart verkoopt.

dinsdag 10 februari 2009

Pascoe

De laatste tijd woon ik in idealistische woonomgevingen. In Delft leef ik tussen veganistische, feministische bioterroristen die de wereld op zijn kop zetten om een fietsenhok in de achtertuin en grapjes over datzelfde fietsenhok helemaal niet kunnen waarderen. In New York woon ik in een prachtig bakstenen flatgebouw dat International House heet. Er zijn geen vredestekens op de gevel geschilderd en er staan ook geen bakfietsen voor de deur. Wat I-house wel heeft is een missie, want wonen in I-house is meer is dan wonen alleen. In I-house ben je lid van een gemeenschap van 700 studenten, trainees en stagaires die zich allemaal toeleggen op het promoten van de communicatie tussen mensen van over de hele wereld en daarmee de culturele kruisbestuiving bevorderen. Sinds de oprichting 80 jaar geleden heeft de I-house ervaring de levens van meer dan 650000 mensen veranderd. Aldus het reclameboekje.
Het mooie van deze missie is dat gelukkig niemand in het huis erover praat, maar ondertussen wel heel hard helpt om de targets te realiseren. Elke avond is er wel wat te doen in huis. De Russian American Cultural Heritage Foundation komt bijvoorbeeld langs om twee steengoede Sopranen en Baritons in een van onze sjieke salons aria's te laten zingen. Er wordt elke maand een 'ice-cream social' georganiseerd, waar je je vol kunt eten met ijs terwijl je natuurlijk cultuur aan het uitwisselen bent. Er is af en toe een 'sunday supper' en men organiseert ook een gemeenschapsweekend. Afgelopen weekend heb ik me aan de laatste twee activiteiten blootgesteld. Eindelijk ben ik dus ook buiten de stad geweest. Beetje teleurstellend dat daar vooral veel bomen zijn, maar dat terzijde. Voorafgaand aan het 'sunday supper' wreef Don Cuneo, de directeur, de missie an I-house er nog eens flink in.en nadat iedereen zijn buikje rond had gegeten met lekkere, bleke aardappels en een redelijk stukje kip was de beurt aan Lynn Pascoe, de onder-Secretaris-Generaal van de VN. Jammer genoeg had de man niet geslapen en was hij vooral druk met het verdedigen van het bestaan van de VN. De foto's die zijn komst opleverden zijn daarentegen niet te versmaden. Bovenstaand, vers van de pers, in I-house gefotografeerd, Lynn Pascoe met Fahad Faruqui (de Pakistaanse talkshow host gekleed in rode stropdas) en een zootje andere Aziaten, die na een belabberd praatje nog steeds naar meneer Pascoe opkijken en gelukkig ook wat aandacht aan de camera besteden.

dinsdag 3 februari 2009

Anarchisten


De 43e Superbowl was voor mij de eerste. Ace Ventura: Pet Detective was mijn kennismaking met de wandelende spierbundel sport. Maar nu heb ik dus in het echt, al was het via een televisiescherm, een hele wedstrijd gezien. Een Amerikaanse huisgenote overtuigde me dat ik voor de Arizona Cardinals moest zijn, want ze hadden zo'n aardige quarterback. Hoewel hij en meneer Fitzgerald aardig hun best deden, werd het uiteindelijk toch een teleurstellende avond.
Maar niet zo teleurstellend als mijn zoektocht naar Doutzen Kroes. Inmiddels ben ik al voor de derde week in New York en nog steeds ben ik haar niet tegengekomen. Heleen Mees en Boris Dittrich heb ik al de hand geschud, maar van de schone blonde heb ik zelfs nog geen glimp mogen opvangen. Misschien moet ik mijn detective werk voortzetten met behulp van de database van Ellis Island Museum, die ik ontdekte nadat ik met een zootje zjerman bankers afgelopen zaterdag een toeristisch tripje door de Hudson baai maakte. Ellis island is de plek waar bijna alle immigranten aankwamen. De grote oceaanstomers gingen voor anker in de baai en de passagiers werden met veerboten naar de aankomsthal op Ellis Island vervoerd. Per jaar verwerkte de administratieve afdeling honderdduizenden immigranten en tegenwoordig staan die gegevens allemaal in een prachtige online database. Is erg leuk om te kijken of er misschien familie bij zit en als je je dan ook nog op de site registreert, kun je zien of die familie misschien anarchistisch of polygamistisch was. Tegenwoordig klagen we over de vragenlijsten in het vliegtuig die informeren naar eventuele betrokkenheid bij terroristische activiteiten, maar in 1905 werd er zelfs gevraagd of men meerdere vrouwen zou willen trouwen. Gelukkig leef ik niet in het jaar dat Einstein zijn beroemde publicaties deed, want door mijn huidige Delftse onderkomen zou ik direct als anarchist herkend worden en de volgende boot terug moeten nemen.